Specifieke fietsschoeneigenschappen
1) Goede pasvorm
- opmeten voetlengte rechtstaand, links en rechts
- voldoende breedte ter hoogte van de voorvoet
- voldoende hoogte van de teenbox
2) Stevige contrefort
- basis stabilisatie achtervoet
3) Stevige onbuigbare zool/stijve zool
- bestaat meestal uit carbon - glasvezel
- geeft verspreiding van de drukkrachten afkomstig van de pedaal over de ganse voetzool en neemt een deel van de werking van de voetspieren over = minder vermoeidheid
4) Hielsprong
De hoek waarbij de hiel hoger staat dan de voorvoet in het sagittaal vlak (zijwaarts). Dankzij deze hielsprong worden geleverde krachten beter overgezet van de achtervoet naar de voorvoet. Bij afwezigheid van de hielsprong kan dit nefaste gevolgen hebben voor de achillespees. De achillespees staat onder constante spanning en er is verlies van elasticiteit hierdoor kan achillespeestendinitis (ontsteking) ontstaan.
Positie bepaling van schoenplaatjes:
- midden van het eerste voorvoet beentje
- verplaatsingsmogelijkheid van het schoenplaatje
- naar voor en naar achter (anterior/posterior)
- naar binnen en naar buiten (abductie/adductie)
- ophogingsmogelijkheden (beenlengte verschil)
- Wig tussenschotten
- voorvoet kantel mogelijkheden
- varus/valgus