Een inversietrauma (verstuiking/verzwikking van de enkel) wordt gedefinieerd als een verrekking of partiële scheur van de laterale ligamenten (Lig. talofibulare anterior / Lig. calcaneofibulare / Lig. talofibulare posterior). Afhankelijk van de ernst spreekt men van een graad 1, 2, 3.
Een graad 1 wordt gekenmerkt door een verrekking van enkel vezels met een minimale zwelling. De volledige functie van de voet blijft echter behouden. Bij de meer voorkomende graad 2 ziet men een partiële scheur van de laterale ligamenten, gestoorde voetfunctie, zwelling en eventueel een gedaalde kracht en/of proprioceptie. Als een ligament volledig gescheurd is, spreekt men van graad 3 waarbij de voet een ernstige instabiliteit kan vertonen samen met een volledige gestoorde voetfunctie.
Ligamenten zijn echter belangrijke structuren. Ze verschaffen proprioceptieve informatie over de gewrichtsfunctie, ze zorgen voor stabiliteit van de enkel en ze sturen de beweging. Om aan deze functies te voldoen moet het collageenweefsel niet alleen intact zijn en de juiste lengte hebben, maar ook over de nodige elasticiteit beschikken om bewegingen toe te laten.
Behandeling van graad 1 & 2 omvat voornamelijk uit rust, ijsfricties, het geleidelijk heropbouwen van spierkracht en het herstellen van de proprioceptie via kinesitherapie.
Indien er zich blijvende klachten voordoen en ter preventie van het frequent omslaan van de voeten, is het uitvoeren van een uitgebreid klinisch- en biomechanisch onderzoek noodzakelijk alvorens het opstarten van podologische zooltherapie. Aanvullend is het osteopatisch nazicht belangrijk om nekklachten verbonden aan enkelinstabiliteit te behandelen.
De behandeling van graad 3 moet operatief gebeuren om de stabiliteit van de voet te herstellen, hiervoor is een orthopedisch voetchirurg de referentie.